Loading...

Steviger in de schoenen dankzij coachingstraject

Het risico op een burn-out bij dierenartsen is groot. Met een speciaal coachingstraject geven Tijn Bettink en Kees de Kruijf jonge dierenartsen een fundament voor hun carrière. Ofwel: minder stress, meer bevlogenheid.

,,Op een symposium van de beroepsvereniging voor dierenartsen stelden we de vraag: wie doet dit werk nog over vijf jaar? De helft van de zaal stak een hand op”, vertelt Bettink van Spaarne Veterinair.

Coaches Bettink en De Kruijf schrokken hiervan. Ze besloten een programma te schrijven om jonge dierenartsen te helpen bij hun persoonlijke ontwikkeling – het Ontwikkeltraject Jonge Dierenartsen – zodat ze steviger in hun schoenen komen te staan.

Weinig praktische ervaring

Het begin van die carrière is vaak een intensieve en zware periode voor jonge dierenartsen. ,,Dierenartsen doen veel feitelijke kennis op tijdens hun opleiding. De meesten hebben aan het eind van de opleiding weinig praktische ervaring en dito eindverantwoordelijkheid gekregen. Zij komen als vers afgestudeerden bij praktijkeigenaren die – goedbedoeld – zeggen: ‘Hier is de sleutel en succes ermee’.”

Hij geeft een voorbeeld. ,,Ik was een keer op een praktijk en de eigenaar zei dat hij meer initiatief van zijn de jonge dierenarts verwachtte. Terwijl die nog in de fase zat dat ze alles aan het ontdekken was. ‘Heb je kinderen?’, vroeg ik deze leidinggevende. ‘Ja’, zei hij. Ik vroeg: ‘Heb je ze toen je ze leerde fietsen meteen op een racefiets gezet? ‘ Hij antwoordde: ‘Nee, natuurlijk niet’. Waarop ik aangaf dat dat eigenlijk wel was wat hij vroeg van de jonge dierenarts. En dat ze in deze fase van haar carrière daar nog niet aan toe was. Ze was nog aan het ontdekken hoe alles om haar heen überhaupt werkte.”

Een eyeopener

Bettink noemt het een regelrechte eyeopener. ,,Leidinggevenden hebben vaak geen idee wat er speelt. Maar ze geven mensen die weinig ervaring hebben in het verrichten van handelingen al wel een grote verantwoordelijkheid.” Dat kan bij sommigen verkeerd uitpakken, met als gevolg dat ze uit het vak stappen, zegt hij. En het gebeurt niet alleen in Nederland. ,,In Engeland is van alle beroepsgroepen het percentage zelfdodingen het hoogst onder dierenartsen. Het is een vak dat veel van mensen vraagt.”

De oplossing is volgens Bettink bouwen aan een goed fundament voor de verdere carrière. ,,Het doel van ons programma is mensen steviger in hun werk helpen staan.” Daarvoor maakt hij onder meer gebruik van de TMA Methode. ,,Dierenartsen in dit programma laten we eerst een talentenanalyse maken en vervolgens zetten we om de voortgang te meten 360 graden feedback in. Dat, in combinatie met een gesprek over de wensen van de dierenarts en de behoeften van de werkgever, is het vertrekpunt voor het jaar.”

 

Elk jaar starten zeven tot tien mensen met het programma. Zes keer per jaar komen ze onder begeleiding van Spaarne Veterinair bij elkaar. ,,Dankzij de coaching en de inzichten die ze opdoen, krijgen ze meer zelfvertrouwen en weten ze beter hoe ze hun persoonlijke vaardigheden kunnen inzetten. Ze zijn zich na afloop bewuster van wat ze willen en hoe ze dat willen.”

Onderzoek naar welzijn

Dierenarts en psycholoog Nicole Mastenbroek vond het programma van Bettink en zijn compagnon dusdanig interessant, dat zij een aantal jaar geleden besloot om het mee te nemen in haar promotieonderzoek naar het welzijn van dierenartsen. De onderliggende vraag: zijn persoonlijke hulpbronnen als proactiviteit, optimisme, reflectievaardigheden, assertiviteit en bedachtzaamheid ontwikkelbaar?

Mastenbroek liet deelnemers aan het programma van Spaarne Veterinair vragenlijsten invullen aan het begin en aan het einde van het traject. Zes maanden nadat ze het traject hadden afgerond, werd een aantal deelnemers geïnterviewd.

Groei op meerdere vlakken

,,Uit het kwantitatieve onderzoek, de vragenlijst, bleek dat deelnemers behoorlijk waren gegroeid als het ging om proactief gedrag en reflectievaardigheden”, vertelt Mastenbroek. ,,In de controlegroep van dierenartsen die niet hadden meegedaan aan het traject zagen we geen significante verschillen optreden in die periode.”

Uit de interviews bleek dat de deelnemers aan het traject op meer vlakken groei ervoeren. ,,Ze gaven aan dat ze waren gegroeid op het gebied van zelfacceptatie en het bewust worden van de eigen invloed op hun welzijn. Dat is heel belangrijk om actief aan de slag te gaan met het passender maken van de werkomgeving.”

Meer begeleiding voor studenten

Mastenbroek, verbonden aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht, vindt dat studenten al tijdens de opleiding bewust moeten worden gemaakt van de eigenschappen die ze in de praktijk nodig hebben. Ze gebruikt de resultaten van het onderzoek om veranderingen door te voeren om dit te bewerkstelligen.

,,Studenten moeten zich realiseren wat behulpzaam is en wat juist belemmert. Iedere student krijgt bij ons een tutor, die hem of haar bijna de hele opleiding begeleidt. Dat traject is met name gericht op het leren ontvangen van feedback en dat om te zetten in nieuwe leerdoelen. Het aansturen van het eigen leerproces is een belangrijke vaardigheid voor een leven lang leren.”

Ze vervolgt: ,,De arbeidsmarkt verandert zo snel, dat we nu niet kunnen zeggen hoe die er over zeven jaar uitziet. Maar het is wel iets waar de dierenartsen van de toekomst mee moeten omgaan. En dat kunnen ze het beste als ze in hun kracht staan.”

2017-09-08T15:50:42+00:00